Een van de eerste stappen in het restauratie- en herstelproces van het landhuis vormde de verwijdering van de terrassen aan weerszijden van de achtergevel. Deze behoorden niet tot het oorspronkelijke ontwerp en werden veel later aan het huis toegevoegd. Zo werd het linkerterras aan het einde van de negentiende eeuw aangebracht en het terras aan de rechterzijde zelfs pas aan het einde van de twintigste eeuw. Dit laatste terras werd waarschijnlijk ook aangebracht om een meer symmetrisch geheel te verkrijgen, los van het gemak van een extra terras. Het rechterterras bevond zich voor de ruimte die tijdens de 19de eeuw als oranjerie is benut. Hier gaven drie buitendeuren toegang tot het terras. Die situatie zal in de toekomst worden hersteld. De toegankelijkheid wordt geregeld door enige houten aanhangtrappen. Zo was het destijds ook want architect Übbing noemt deze al in zijn ontwerp van het gebouw uit 1823. Tegen de achtergevel kunnen in de toekomst weer kuipplanten worden opgesteld. Zo werd dit vroeger op Huis Landfort gedaan. Een andere belangrijke reden voor het verwijderen van de terrassen is de betere wisselwerking tussen binnen en buiten. Op buitenplaatsen is deze interactie van groot belang. Samen met het verdere herstel van het landhuis, krijgt de achtergevel daarmee een heel andere aanblik.